Bruggen in Heeten


Het kanaal Overijssels Kanaal, sectie 3 tussen Deventer en Lemelerveld werd op 7 september 1858 voor het eerst opengesteld voor de scheepvaart.
De Spekhoekbrug (boven) ligt tussen de Zonnebergenbrug en de Veldkampbrug

De brug die u hier ziet, is de Zonnenbergerbrug. Het is een voormalige trambrug (bouwjaar 1904) uit Helmond. Het is de smalste en eenvoudigste ophaalbrug over het kanaal Deventer-Raalte. Niet alleen voor de mens is het kanaal een hindernis om van oost naar west of omgekeerd te gaan, maar ook het wild heeft behoefte aan oversteekmogelijkheden. De aangebrachte beschoeiing maakt deze oversteek voor het wild alleen maar moeilijker. Op enkele plekken langs het kanaal zijn daarom speciale wildoversteekplaatsen aangelegd. Een paar honderd meter ten zuiden van de brug ziet u zo'n wildoversteekplaats.
Het landgoed Zonnenbergen is voor wandelaars opengesteld. Een dicht net van overwegend onverharde wegen maakt het mogelijk om van hieruit rondwandelingen te maken. Het landgoed bestaat onder andere uit landerijen en fraaie houtsingels. Een houtsingel in de vorm van een zon, omgeven door stromend water, is ten dele nog aanwezig. Het verhaal wil dat daar destijds een oude Germaanse gerichtsplaats is geweest.

De Veldkampsbrug hierboven ligt aan de westzijde van het kanaal het griendgebied De Bleers.



Opendag archeologie

De zuurstof bloazer.


Bewerkingen van het gesmolten oer.



Tijdens de laatste archeologische opgravingen in 2004 zijn meerdere ijzerovens van voor onze jaartelling ontdekt. Vanaf de 18e eeuw is het Sallandse ijzeroer gebruikt door de ijzergieterij in Deventer. Tussen 1870 en 1930 zijn er via over de Overijsselse kanalen tienduizenden tonnen ijzeroer afgevoerd.

IJzeroer

Voor de boer is ijzeroer vervelend. Het ijzeroer vormt een storende laag. Het water wordt tegengehouden en plantenwortels dringen er niet doorheen. Vandaar dat het meeste ijzeroer verdwenen is. Afgegraven, en tot nog in deze eeuw verkocht als ijzererts of gebruikt als fundering van wegen en weilanddammen.

Waterput

Rond het begin van de jaartelling kwam er al bewoning voor in Heeten.
In 1994 deden archeologen een bijzondere ontdekking.
Tijdens de bouw van de woonwijk Hordelman werden sporen gevonden van een dorp uit de laat Romeinse tijd. Rondom het dorp lagen resten van ijzerovens. Dat moeten er zoveel geweest zijn dat er sprake was van bijna industriƫle productie van ijzer.
Rond 2004 waren er opnieuw archeologische opgravingen.
Tijdens dit onderzoek vond men sporen van een grote boerderij.
Ook werd er een waterput gevonden geschat op de 3oo jaar na Christus.